Bloemen

“We kunnen bloemen gaan verkopen. Ik ken een bloemenhandel waar we een heleboel bossen kunnen halen voor een leuke prijs. Die kunnen we dan zelf voor meer geld verkopen aan de bejaarden in die flatjes vlak bij jou”. Mijn beste vriend V kwam met het idee, dat ons helemaal niet zo slecht leek. We waren halverwege onze tienerjaren en zochten een manier om extra geld te verdienen. Voor bloemenhandel Van M kon je als bloemenverkoper aan de slag. Je kreeg een bak bloemen mee en probeerde alle bloemen te verkopen. Voor elke verkochte bos moest je Van M twee gulden vijftig betalen. Wij bepaalden de prijs van onze bossen op 5,50, zodat we per bos een mooie winst maakten. We kregen een bejaardencomplex bij ons in de buurt toegewezen. De persoon die vóór ons daar bloemen verkocht was weg. Jaja, het zal wel, we willen snel aan de slag dus hier met die bloemen.
De zaken gingen goed. We verkochten één dag in de week veel bloemen en hadden tot wel 45 gulden de man als omzet, na aftrek van de betaling aan Van M. In de eerste weken begon zich het bericht te verspreiden dat onze voorganger was overleden en wij daarom de wijk konden overnemen. Dat begonnen we dus ook vanaf de derde week aan onze klanten te vertellen. “Komt P niet meer?” “Nee helaas mevrouw, P is overleden.” “O, wat erg. Het was zo’n fijne man.” We verkochten ondertussen wel gewoon onze bloemen.

beeld bloemen

In onze vijfde week gingen we weer vol goede moed en handenwrijvend op pad. De bejaarden reageerden echter heel anders toen zij hun deuren openden. Sommigen deden de deur meteen weer dicht, anderen kijken door de gordijnen en sloten deze haastig en geschrokken weer zonder de deur te openen. Weer anderen wilden dit keer geen bloemen en keken ons achterdochtig, soms wat angstig aan. Na één gallerij te hebben afgelopen besloten we dat het weinig zin had om verder te gaan. We liepen om het complex heen en zagen aan de andere kant een auto staan. De achterklep stond open, er stonden wat bloemen achterin en een man was bezig iets te noteren op een papier. Zou hij hier bloemen willen verkopen, hebben we een concurrent? We besloten het hem te gaan vragen.
Toen hij ons zag aankomen begroette hij ons opgewekt:”Dag jongens, ik ben P. Ik ben een paar weken afwezig geweest door een ongeluk en ben nu weer hersteld. Ik heb begrepen dat jullie mijn wijkje tijdelijk hebben overgenomen. Hartstikke mooi. Gaan jullie deze bloemen nog verkopen of zal ik het voor jullie doen?” P mocht het doen. Omdat we nog niets verkocht hadden hoefden we niet af te rekenen. We gaven P alle spullen en zijn snel weggelopen.
Bloemenhandel Van M heeft ons nooit meer gezien en we hebben ons, het stelletje onwetende oplichters, nooit meer vertoond op het bejaardencomplex.

Plaats een reactie